Lichtnormen

Lichtnormen voor (LED) sportveldverlichting

Iedere sport is anders, en bij vrijwel iedere sport wordt ook gebruik gemaakt van een ander sportveld of locatie. Afhankelijk van de snelheid van de sport en de grootte van de ruimte waarop zij wordt beoefend worden er verschillende lichtnormen gehanteerd.

Sportveldverlichting afhankelijk van de lichtnorm

Welk type (LED) sportveldverlichting gebruikt moet worden is erg afhankelijk van de wijze waarop de sport wordt beoefend. Neem bijvoorbeeld voetbal, waarin de aanbevolen lichtnorm voor trainingsdoeleinden 75 lux is maar voor betaald voetbal (in een stadion) is de lichteis minimaal 800 lux. Het belangrijkste verschil hierbij is dat er in een stadion publiek aanwezig is en er al dan niet beeldopnames worden gemaakt. Ook wordt er strenger op toegezien dat de kwaliteit van de verlichting niet minder wordt.

Hoe komt een lichtnorm tot stand?

Lichtnormen of lichteisen voor sportvelden worden opgesteld door de betreffende sportbond in samenwerking met een eventuele overkoepelende sportbond zoals NOC*NSF. Vaak wordt er gekeken naar een aantal factoren waardoor sportveldverlichting aan hogere of lagere normen moet voldoen. Denk bijvoorbeeld aan de afmetingen van de bal, de snelheid van de sport, de materialen die worden gebruikt en de afmetingen van het veld.

In de praktijk gaat dat zo: De tennisbond KNLTB (nemen we even als voorbeeld) is in samenwerking met het NOC*NSF tot onderstaande lichtnormen gekomen.

NEN-EN 12193 (Tennis) Eh, Gem. (Lux) Eh, Min./Eh, Gem. (gelijkmatigheidsfactor)
I (nationale competitie) < 500 0,7
II (competitie) < 300 0,7
III (training/recreatie) < 200 0,6

 

In overleg en door middel van berekeningen wordt vastgesteld dat voor trainingen toch minimaal 200 lux aanwezig moet zijn. De snelheid van de bal i.c.m. de afmeting zorgt voor deze relatief hoge lux-waarde. Het NSvV doet aanbevelingen het gebied van verlichting voor sportaccommodaties en kijkt of deze norm te hanteren is. In dit geval heeft NSvV de aanbeveling gegeven dat de gelijkmatigheid minimaal 0,4 moet zijn, iets lager dus dan de oorspronkelijk vastgestelde norm. Belangrijk om te vermelden is dat dit normen en aanbevelingen zijn. Mastverlichting.com adviseert om zoveel mogelijk aansluiting te zoeken bij de lichtnormen. Het uiteindelijk besluit ligt bij de vereniging of club (al dan niet in samenwerking met de locatiebeheerder).

Zoveel sporten, zoveel normen voor sportveldverlichting. We hebben een aantal voorbeelden voor u op een rijtje gezet. Mastverlichting.com onderhoudt contacten met sportbonden om u op de hoogte te houden van de juiste lichtnormen.